Nederland Heeft Werk

BEL MIJ TERUG

Over mobiliteit en reisafstand

De mobiliteit van de bevolking van 12 jaar en ouder is sinds 1985 met bijna 40 procent toegenomen tot een totaal van bijna 130 miljard reizigerskilometers in 2008, volgens een onderzoek van Goudappel Coffeng, uitgevoerd in opdracht van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (Goudappel Coffeng, 2010).

De woon- en werklocatie spelen een belangrijke rol, maar ook het inkomen, opleidingsniveau en het wel of niet hebben van een auto zorgen voor grote verschillen in de woon-werkafstand. De hogere inkomens, het toegenomen opleidingsniveau en de groei van het aantal werknemers met een leaseauto hebben eraan bijgedragen dat de woon-werkafstand de laatste jaren is gestegen.

De gemiddelde woon-werkafstand van Nederlanders die de auto gebruiken voor woon-werkverkeer is 22,6 kilometer (onderzoek KiM 2010).

De woonlocatie geldt als uitgangspunt, vandaar uit wordt gekeken of er voldoende arbeidsmogelijkheden binnen een bepaald bereik zijn.

In de periode 1985-2008 is het woon-werkverkeer met de auto sterk toegenomen.

  • Voor de helft van alle woon-werkverplaatsingen wordt gebruik gemaakt van de auto, gevolgd door de fiets (25 procent) en lopen (10 procent). Het openbaar vervoer heeft een aandeel van ongeveer 6 procent.
  • De woonwerkafstand (enkele reis) van autogebruikers nam toe van 15 kilometer in 1985 naar 20 kilometer in 2000 en bijna 22 kilometer in 2008.
  • De gemiddelde woon-werkafstand met de auto van pendelaars is gegroeid van 23 kilometer in 1987 naar bijna 29 kilometer in 2007. Pendelaars zijn daardoor tegenwoordig ook veel langer onderweg voor woon-werkreizen. In 1987 had een kwart van de pendelaars een reistijd van meer dan 30 minuten, in 2007 is dit bijna de helft.

Mannen verder en langer onderweg van en naar het werk

  • Mannen leggen bijna anderhalf keer zoveel kilometers af voor woon-werkreizen dan vrouwen.
  • Mannen hebben vooral veel vaker een gemiddelde woon-werkafstand van meer dan 30 kilometer.
  • Mannen besteden per dag ongeveer een kwartier meer aan het reizen van en naar het werk.
  • Opvallend is wel dat de reistijd van vrouwen sterker is gestegen dan die van mannen.
  • Ook naar leeftijdsklasse zijn er verschillen in woonwerkafstand met de auto, al zijn de verschillen niet erg groot. Werknemers tussen de 25 en 39 jaar hebben gemiddeld genomen de grootste woon-werkafstand, terwijl jongeren (18-24 jaar) en ouderen (65-plussers) het dichtst bij hun werk wonen. Na het 40e levensjaar neemt de gemiddelde woon-werkafstand langzaam af.

Werknemers met hoge inkomens zijn bereid verder te reizen

  • Werknemers met een hoog opleidingsniveau, een hoog inkomen en een fulltime baan (>30 uur per week) wonen gemiddeld genomen het verst van hun werk.
  • De helft van de werknemers in de laagste inkomensklasse die met de auto naar het werk reist, heeft een woon-werkafstand van minder dan 10 kilometer, terwijl in de hoogste inkomensklasse een derde van de werknemers een woon-werkafstand van meer dan 30 kilometer heeft.
  • In de hoogste inkomensklasse zijn werknemers ook het langst onderweg, gemiddeld genomen meer dan een half uur voor een enkele reis.
  • De woon-werkafstand van werknemers die fulltime werken is bijna twee keer zo groot als van werknemers die parttime werken.

Woon-werkafstand en reistijd verschillen sterk per provincie

Inwoners van de drie Randstadprovincies (Noord- en Zuid-Holland en Utrecht) hebben weliswaar gemiddeld genomen een kortere woonwerkafstand, maar zijn wel langer onderweg.

Bereikbaarheid woon- en werklocaties

De keuze voor een woon- en/of werklocatie wordt mede bepaald door de bereikbaarheid van de werklocatie en het aantal te bereiken arbeidsplaatsen vanuit de woonomgeving. Met behulp van de Nationale Bereikbaarheidkaart (Goudappel Coffeng, 2008) is een analyse gemaakt van deze twee bereikbaarheids-indicatoren. De bereikbaarheid van de werklocatie en het aantal te bereiken arbeidsplaatsen vanuit de woonomgeving blijken niet zo heel erg veel van elkaar te verschillen. Zowel gebieden met goede sociale ontplooiingsmogelijkheden als gebieden met een hoge economische potentie liggen voornamelijk in de Randstad.

  • De bereikbaarheid van de werklocatie en het aantal te bereiken arbeidsplaatsen vanuit de woonomgeving hebben de grootste invloed op de woon-werkafstand.
  • Het aantal te bereiken arbeidsplaatsen vanuit de woonomgeving heeft een negatief effect op de woonwerkafstand, ofwel hoe meer arbeidsplaatsen zijn te bereiken vanuit de woonlocatie, hoe dichter men bij het werk woont.
  • De bereikbaarheid van de werklocatie heeft een positief effect op de woon-werkafstand: werken op een goed bereikbare werklocatie gaat vaker samen met een grotere woon-werkafstand.
  • Van de persoonsvariabelen heeft het wel of niet hebben van een leaseauto de meeste invloed op de woon-werkafstand.

De verschillen in woon-werkafstand tussen mannen en vrouwen

Nadere analyses van de verschillen in woon-werkafstand tussen mannen en vrouwen leiden tot de volgende conclusies:

  • Het effect van leeftijd op de woon-werkafstand is bij vrouwen groter dan bij mannen. Dit betekent dat de gemiddelde woon-werkafstand bij toenemende leeftijd bij vrouwen sterker afneemt dan bij mannen. 
  • Ook het effect van opleidingsniveau is bij vrouwen sterker. Het verschil in woonwerkafstand tussen hoog en laag opgeleide vrouwen is groter dan het verschil in woon-werkafstand tussen hoog en laag opgeleide mannen. 
  • Mannen en vrouwen die in deeltijd werken wonen dichterbij huis dan mannen en vrouwen die een fulltime baan hebben. Dit effect is sterker bij vrouwen dan bij mannen.
  • Voor zowel mannen als vrouwen geldt dat het effect van het hebben van een leaseauto in vergelijking tot de andere variabelen een grote (positieve) invloed heeft op de woon-werkafstand. Dit effect is bij mannen sterker.
  • Het inkomen heeft bij mannen en vrouwen een vergelijkbaar effect op de woonwerkafstand : naarmate het inkomen stijgt, neemt de woon-werkafstand toe. 
  • Ook de invloed van de bereikbaarheid van de werklocatie en het aantal te bereiken arbeidsplaatsen vanuit de woonomgeving verschilt nauwelijks naar geslacht en zijn bij zowel mannen als vrouwen de variabelen met de grootste verklarende bijdrage.

Lange woon-werk reistijd voor Nederlanders

OECD (2010) signaleert op basis van Parent-Thirion e.a. (2007) dat Nederland zich binnen de EU in de top bevindt voor wat betreft de tijd die werknemers spenderen aan het reizen tussen woning en werk.

Waarom zijn lokale vacaturesites goed voor het verminderen van de file's?

Een relatief kleine afname van het verkeer ( één procent) heeft blijkbaar al een relatief grote afname van de congestie op het hoofdwegennet tot gevolg (10 procent), volgens het mobiliteitsonderzoek van het kennisinstituut voor mobiliteitsbeleid. Iedere verkeersbeweging die wordt verkort, verkort de druk op het wegennet. De bron is de mens. Kan die een baan in de buurt vinden die voldoet aan de verwachtingen, dan heeft dat de voorkeur. Wij bieden die oplossing!

Kosten files en vertragingen

De totale filekosten op het Nederlandse hoofdwegennet zijn voor 2009 geraamd op 2,4 á 3,2 miljard euro. Tussen 2000 en 2009 zijn deze kosten met 50 á 60 procent toegenomen. Circa de helft van de filekosten komt voor rekening van de sector bedrijven, waarvan ongeveer 0,8 miljard euro door het vrachtverkeer. De overige kosten komen rechtstreeks terecht bij de consument door vertragingen in het woon-werkverkeer en tijdens privéritten. (Bron: Ministerie van Verkeer en Waterstaat).
Onze klanten